Arjen van Ree korfbalde jarenlang op De Dreef, een sportpark naast het gelijknamige buurthuis in de Utrechtse wijk Overvecht. Ruim 10 jaar geleden nam hij het initiatief tot de ontwikkeling van De Dreef. De Korfbalvereniging was voor hem een belangrijke omgeving. Naast zijn opleiding en thuis was dit de derde plek waar hij zich kon ontwikkelen. “Zowel als coach bij de korfbal als de rol die ik heb in diverse projecten.” Eva Leen ging met hem in gesprek over zijn nieuwste project: Project O.

Wat was de aanleiding om Project O op te zetten?

“We staan als maatschappij voor flinke opgaven, en daarin hebben we elkaar meer dan ooit nodig. Ik geloof dat een brede samenwerking de enige manier is om de grote opgaven aan te pakken. Niemand uitgezonderd. Van de voetbalvereniging tot de ondernemersvereniging, van wijkleerbedrijf tot aan de woningcorporatie. Maar ook de wethouders, ambtenaren en alle inwoners van Overvecht zijn hierin belangrijk.”


so/magazineDit portret verscheen eerder in so/magazine, hét online magazine over sociaal ondernemerschap in Nederland. so/magazine wordt uitgegeven door so/creatie. Door gesprekken over het hoe en waarom van het werk van sociaal ondernemers creëren we samen meerwaarde voor deze groeiende beweging.


Waarom in Overvecht? Er gebeurt al zo veel! En is dit geen lastige wijk?

“Ik ben nu ruim 10 jaar actief in de wijk. Elke keer ben ik er trots op dat mensen elkaar weten te vinden. Of het nu gaat om De Dreef of bij de komst van het AZC en het daaruit voortvloeiende Plan Einstein. Er is zoveel wat elkaar bindt in de wijk, veel meer dan waarin we van elkaar verschillen. Belangrijk is dat je elkaar ontmoet en elkaar leert kennen. Alleen dan kan het het talent wat iedereen in zich heeft benut worden. Alles wat je aandacht geeft groeit, vooral positieve aandacht maakt echt een verschil.”

Project O wordt genoemd in het document ‘Samen voor Overvecht’. Hoe verhoudt Project O zich tot deze plannen?

“Voor mij is Samen voor Overvecht een voorbeeld van positieve aandacht. Niet om naar de gemeente te wijzen en verantwoordelijkheid neer te leggen, maar om de problemen en kansen gezamenlijk op te pakken. De vele ondernemers, organisaties, onderwijsinstellingen, overheden en Overvechters die ik de afgelopen jaren heb gesproken voelen het belang van samenwerking (vandaar ook ‘Project O’). De thema’s die wij oppakken binnen Project O zorgen dan ook voor nieuwe samenwerkingen die we met elkaar ontdekken, ontwikkelen en organiseren. Stoppen met te veel ouwehoeren -da’s ook een O- maar vooral doen en in open samenwerking werken aan deze mooie wijk.”

Project O
Project O tijdens de wijksportbijeenkomst van Vereniging Sport Utrecht

Samenwerken aan opgaven, wat voor een opgaven zijn dit?

“Denk aan de opgave ‘verkeersveiligheid’ rondom het thema mobiliteit in de wijk. We hebben met de wijkraad, het wijkbureau, welzijn, de Hogeschool Utrecht, verschillende Overvechters en de eigenaar van verkeersschool Veronica een start gemaakt om te kijken hoe we verkeersgedrag op een positieve manier kunnen beïnvloeden. We denken bijvoorbeeld aan het benoemen van ‘de verkeersheld’ van Overvecht, die dan positief beloond wordt met een keer racen op het circuit in Zandvoort. Ook het thema voedsel houdt ons bezig, denk aan lokaal en gezond voedsel en het  -gasloos- koken van de toekomst. Hierin hebben we met Mark Verhoef van de Voedseltuin Overvecht het initiatief genomen en zijn er inmiddels een twintigtal partijen aangehaakt, zoals lokale producenten en cateraars, maar ook Utrecht gezondheid en HU minor Voeding.”

Dat klinkt heel mooi, maar ook als een enorme uitdaging.

“Natuurlijk zijn er uitdagingen in de wijk en ook uitdagingen als het gaat om samenwerken, hier moeten we niet van wegkijken. Ik geloof wel dat we door open te zijn over kansen en belangen wel echt verschil kunnen maken. Er gebeuren namelijk al zoveel mooie dingen in Overvecht. Laten we die omarmen en ook zorgen voor nieuwe oplossingen in de wijk. Samen voor Overvecht, is vooral samen mét Overvechters: want die heb je nodig voor succes. Alleen ga je sneller, samen kom je verder.”